Henk van Raan

Henk van Raan
Directeur Facility Management Amsterdam ArenA
 

Het twintig jaar oude multifunctionele stadion, geschikt voor zowel sportieve als muzikale evenementen, bereidt zich voor op een ingrijpende verbouwing. Die moet in 2020 klaar zijn, want dan is Amsterdam een van de speelsteden voor het Europees voetbalkampioenschap. Amsterdam ArenA wil het meest innovatieve en duurzame stadion ter wereld worden. ‘Niet groter, maar beter’, zegt Henk van Raan, directeur Facility Management.

Living lab

De gemeente Amsterdam had de ArenA-directie al in 2012 gevraagd de stad te helpen met de verduurzaming van het gebied, bijvoorbeeld door het delen van kennis en ervaring met andere bedrijven. Later kwam daarbij de mogelijkheid met andere marktpartijen en gebouweigenaren te werken aan slimme oplossingen voor energiebeheer op gebiedsniveau.

Natascha Agricola

Natascha Agricola
TNO

ArenA nam daarop het initiatief voor het creëren van een netwerk voor het bundelen van expertise. Het stadion en de directe omgeving blijken bij uitstek geschikt als ‘living lab’, waar startups en grownups werken aan innovatieve oplossingen op tal van terreinen, die ook elders kunnen worden toegepast.

Zo werd in 2015 Amsterdam ArenA Innovation Center (AAIC) geboren. Strategische partners zijn onder andere KPN, Microsoft, KPMG, Huawei, Philips Lighting, Nissan, Eaton, de gemeente Amsterdam en TNO.

‘Innovatie bewijst zich in de praktijk’, zegt Natascha Agricola van TNO, die als consultant leefbaarheid is betrokken bij de ArenA-experimenten. ‘Wij kunnen hier uittesten of nieuwe technologieën en samenwerkingsvormen kans van slagen hebben. Voorbeeld is de Utility Hub, waarin we met marktpartijen en gebruikers onderzoeken hoe we energie op een nieuwe manier kunnen opwekken, opslaan en distribueren.’

Bob Mantel van de afdeling Ruimte en Duurzaamheid van de gemeente Amsterdam noemt het ArenA-gebied een perfecte locatie voor de experimenten: niet te groot en niet te klein. Veel mensen kennen elkaar. ArenA is volgens hem de ideale gangmaker, omdat het een grote speler is en vernieuwing in zijn ‘genen’ heeft.

Mantel praat namens de gemeente mee over de programma’s die tot realisatie van uiteenlopende ideeën moeten leiden. De gemeente investeert niet, maar draagt wel bij aan de proceskosten en heeft een duurzaamheidsfonds voor financiële bijdragen aan projecten.

Energie

Vooral met energietransitie worden grote sprongen gemaakt. ‘Onze ambitie is meer energie op te wekken dan te gebruiken’, zegt ArenA-directeur Van Raan. ‘We hebben nu ruim zevenduizend vierkante meter zonnepanelen, die voor tien procent in onze energiebehoefte voorzien. De overige negentig procent komt van windmolens nabij Purmerend. Het nadeel van duurzame energie is dat je die vaak nodig hebt op andere momenten dan dat ze beschikbaar is.

Uitwisseling van energie tussen bedrijven met verschillende piekmomenten is een andere mogelijkheid.

Daarom zijn we de samenwerking aangegaan met Nissan en Eaton. Accu’s die voor auto’s zijn afgeschreven, kunnen voor onze stroomvoorziening nog wel tien jaar mee. Uitwisseling van energie tussen bedrijven met verschillende piekmomenten is een andere mogelijkheid. Het AMC zit hier bijvoorbeeld vlakbij.’

Even opgetogen is Van Raan over de mobility portal, die in het innovatiecentrum is ontwikkeld. Daarmee hebben bezoekers toegang tot actuele informatie over vervoersstromen en kunnen ze de snelste route uitstippelen per auto of openbaar vervoer. ‘Daar kan TomTom niet tegenop’, zegt Van Raan. ‘Bovendien verminder je daarmee de CO2-uitstoot, want er zijn minder files en bezoekers hoeven geen rondjes te rijden op zoek naar een parkeerplaats.’

Recycling

Recycling van afvalstromen biedt ook ongekende mogelijkheden. Natascha Agricola van TNO denkt bijvoorbeeld aan straatmeubilair van afvalplastic en organisch afval als grondstof voor lokale opwekking van energie. Zo’n vijftien partijen werken samen met de afvalsector aan projecten op dit gebied.

Henk van Raan is nog het meest trots op de sociale innovatie. ‘We zitten met veel partijen aan tafel. Door het delen van informatie komen we tot betere en snellere resultaten. Ik hoop dat die zich als een olievlek zullen verspreiden naar andere economische centra, zoals de Zuidas en Schiphol.’