‘Veel cleantech initiatieven ontstaan hier van onderaf’

In de regio Stedendriehoek (bestaande uit zeven gemeenten, waaronder Apeldoorn, Deventer en Zutphen) wordt gewerkt aan een schone toekomst waarin economie en ecologie in balans zijn. Daarmee koerst de regio af op een duurzame economie en samenleving. Dat zorgt voor aantrekkelijke bedrijventerreinen en daarmee voor een goed ondernemersklimaat, stelt Wim de Blok, lid van de strategische board van de Stedendriehoek.

Meer doen met minder

Sinds drie jaar richt de Stedendriehoek zich op ontwikkeling van cleantech activiteiten. Vrij vertaald een schone toekomst waarin energieneutraliteit één van de speerpunten is. De concrete ambitie voor 2020 is vierduizend nieuwe aan cleantech gerelateerde banen, een stijging van het Bruto Regionaal Product met vijftig procent en vermindering van de milieubelasting: jaarlijks tien procent minder CO2-uitstoot en drieëndertig procent minder restafval per jaar. De Blok: “Zie het als meer doen met minder. Dat zorgt voor verantwoorde economische groei. Dat is bijvoorbeeld terug te zien in de maakindustrie in onze regio. Die vinden steeds meer oplossingen om minder grondstoffen en energie te gebruiken, minder afval te produceren, grondstoffen te hergebruiken en toch te groeien, en meer waarde te creëren.”
De Cleantech Regio Stedendriehoek is hiermee een ideale regio voor ondernemers met cleantech activiteiten, meent De Blok. Als voordelen noemt hij onder andere financiële ondersteuning, de samenwerking op kennisvlak met onderwijsinstellingen en bedrijven die startups met faciliteiten helpen hun ideeën verder te ontwikkelen. Zo ook BYK-Cera, het bedrijf dat was-additieven voor de lak- en drukinktindustrie produceert, waar De Blok werkzaam is als managing director. “Als bedrijf zoek je voortdurend naar manieren voor een duurzamere productie en het gebruik van grondstoffen en producten. Onze producten zijn bijvoorbeeld steeds meer gebaseerd op hernieuwbare grondstoffen. Daarvoor werken wij nu samen met een aantal startups. Daar hoort ook financieel commitment van onze kant bij.”

Schoon en veilig

De resultaten van cleantech zijn volgens De Blok niet alleen schoon, maar ook veilig. Daarmee ontstaat een schone en veilige leefomgeving inclusief schone en veilige bedrijventerreinen. De Stedendriehoek onderscheidt zich daarbij volgens hem van andere cleantech regio’s doordat veel initiatieven van onderaf komen. Niet
alleen ondernemers, overheid en onderwijs- of onderzoeksinstellingen zijn actief met schone en
veilige technieken en producten. Er zijn bijvoorbeeld ook vele lokale particuliere initiatieven en energiecorporaties die duurzame energie opwekken middels zonnepanelen en windmolens. “Het belangrijkste is dat iedereen in de Stedendriehoek hierin gelooft. Het is een breed gedragen ontwikkeling. Dat geeft een prettig ondernemersklimaat.”
 


‘Cleantech Center: verbindende factor in Stedendriehoek’

Het in Zutphen gevestigde Cleantech Center streeft ernaar werkgelegenheid te garanderen in de nieuwe wereld. Het bedrijfsleven werkt samen met onderwijsinstellingen en overheid aan cleantech toepassingen en talentontwikkeling. Niet in een op zichzelf staande leeromgeving, maar in de praktijk, stelt Henk Janssen, directeur van het Cleantech Center.

Multidisciplinaire teams

“De bevolking groeit exponentieel. Er is nieuw talent nodig om die in hun behoeften te voorzien”, legt Janssen uit. “Bovendien zijn cycli korter. Bedrijven moeten eerder hun lakens opschudden om bij de tijd te blijven.” Kenmerkend voor het center is de link met onderwijs en onderzoek. Momenteel werken ongeveer zeventig studenten aan een dertigtal projecten. De studenten onderzoeken maatschappelijke vraagstukken en vertalen deze in praktische oplossingen. Daarvoor wordt gewerkt in multidisciplinaire teams met leden uit verschillende onderwijsniveaus. “Wij leren lassers denken en denkers lassen”, stelt Janssen. Door een vraagstuk vanuit verschillende disciplines te benaderen ontstaan er volgens hem creatieve oplossingen. Het zorgt voor de nodige serendipiteit die nodig is om echt nieuwe toepassingen te ontwikkelen; min of meer toevallige ontdekkingen.

Nieuwe initiatieven

Vanuit deze opzet fungeert het centrum als incubator voor nieuwe bedrijvigheid. Zo zijn enkele startups bezig met de ontwikkeling van nieuwe materialen. Toch worden er evengoed  slimme verbindingen gelegd tussen bestaande partijen om tot nieuwe oplossingen te komen. Een voorbeeld is een project om de haven van Rotterdam zwerfafval vrij te maken en het verzamelde afval met gebruik van 3D-printing een hoogwaardig tweede leven te geven. En ook domotica speelt een steeds grotere rol, zegt Janssen. Zowel in de woningbouw als in de zorg. “Bij domotica zie je duidelijk dat oplossingen niet alleen duurzaam dienen te zijn, maar ook gemakkelijk. Dat zorgt voor snellere acceptatie.”
De komende tijd staat in het teken van consolidatie en het verder aanjagen van de nieuwe economie. Zo wordt ingezet op verdere groei van de cleantech hub onder andere door samenwerking met verschillende overheidsorganen. “Maar wij zijn een initiatief dat vanuit de markt is gestart”, benadrukt Janssen. “De ontwikkeling van nieuwe marktinitiatieven staat centraal. Daarvoor delen we kennis. Mede door onze fysieke aanwezigheid in de regio weten bedrijven ons goed te vinden.”
 


‘Duurzame bouw leidt tot korting erfpachtprijs’

De regio Stedendriehoek beschikt over enkele bedrijventerreinen die zich in sterke mate richten op verduurzaming. Bedrijven die zich op het Apeldoornse Ecofactorij vestigen krijgen bijvoorbeeld korting op de grondprijs als zij duurzaam bouwen. Zo ook groothandel in verwarming en sanitair Wasco, welke op 13 november jongstleden de eerste paal van haar nieuwe pand met het BREEAM Excellent certificaat in de grond sloeg.

Duurzaamheid als norm

De Ecofactorij ligt op een plek net buiten Apeldoorn, direct aan de snelwegen A1 en A50. De duurzaamheidsambities zijn onder andere zichtbaar in het informatiecentrum dat geldt als toegangspoort tot het terrein. Het markante gebouw gebruikt ‘nul’ energie voor de koeling en verwarming door in de vloer en wanden geïntegreerde zoutpanelen. Maar niet alleen het eigen pand is duurzaam. Ook alle bedrijven die er gevestigd zijn, spannen zich extra in op het gebied van duurzaamheid. Wasco, dat momenteel een nieuw pand bouwt op het terrein, beschikt sinds 2000 bijvoorbeeld over haar eigen energiecentrum waar zij duurzaamheidstrainingen en -advies geeft aan de afnemers van installaties. “De producten die wij verhandelen zijn de afgelopen jaren steeds duurzamer geworden”, zegt Herold van den Belt, algemeen directeur van Wasco. “In het energiecentrum praten we onze relaties bij over de stand van zaken.”
Meerkosten voor duurzaam bouwen worden door de gemeente gecompenseerd met behulp van een zogenaamd milieupuntensysteem dat resulteert in een variabele korting op de erfpachtprijs. Het inspireerde Wasco tot de bouw van een pand met de BREEAM Excellent certificering, een hoge norm voor duurzaam bouwen. Dit wordt onder andere behaald door het gebruik van zonnepanelen en FSC hout. Hoewel het niet leidend was voor de locatie- en pandkeuze, ziet Van den Belt de korting wel als een zetje in de juiste richting. “Het is een extra stimulans om het goed aan te pakken”, aldus de directeur.

Optimalisatie

De stap naar de Ecofactorij is voor Wasco onderdeel van een logistieke optimalisatieslag. Van de drie huidige distributiecentra – twee in Twello en één in Rotterdam – blijft er één open (in Twello), zodat er samen met de nieuwe locatie vanuit één regio wordt geopereerd. Van den Belt: “Wij hebben in de gehele Stedendriehoek gekeken, maar voelen ons het prettigst bij de Ecofactorij. Het verkort de reistijd die we nu nog hebben aanzienlijk en zorgt ervoor dat we onze diensten en ons productassortiment kunnen uitbreiden.”