Ons land telt veel bedrijventerreinen die deels leegstaan en als er niet wordt ingegrepen verder achteruit gaan. Experts pleiten voor een stevige herstructurering van deze terreinen. Is dat haalbaar, wat levert het op, zijn er ook nieuwe terreinen nodig en welke keuzes moeten er worden gemaakt? We peilen de meningen van vier belanghebbenden.


Jack Kranenburg
 Commercieel directeur Agriport A7

Welke ontwikkelingen zijn er zichtbaar?

Wij opereren vanuit de vraag uit de markt, met de blik naar voren. Ik zie voorbeelden om mij heen, waarbij het anders gaat. Daar wordt meer ontwikkeld met de meerjarenbegroting van de gemeente als uitgangspunt, of de beschikbare grond. Op Agriport A7 creëren we een situatie waardoor onze klanten heel goed kunnen concurreren. Dat heeft te maken met de kostprijs van de grond, maar ook met efficiënt omgaan met grondstoffen, reststromen, energie en de beschikbaarheid van de juiste infrastructuur. Die zaken brengen de kosten omlaag en verhogen daarmee de concurrentiepositie.”

Hoe kunnen we de herstructurering goed aanpakken?

“Bedrijven stellen investeringen nog steeds uit. Als ze het toch doen, moet het snel en moet het een maatpak zijn. De terreinen moeten dus passen bij deze maatwensen. Flexibel zijn, ook als het om ruimtelijke ordening gaat. Oude terreinen die hier niet aan kunnen voldoen, moeten we niet laten bestaan. Opheffen en saneren kost geld, maar dat moet dan maar.”

Hoe ziet de markt voor bedrijventerreinen er over 10 jaar uit?

“Er komen meer bedrijventerreinen met startups rond kennisinstellingen. Een deel zal een schaalsprong maken; die bedrijven zijn dan toe aan de volgende stap en ook nieuwe huisvesting. Dat moeten we flexibel in kunnen vullen. Wendbaarheid is in de toekomst een vereiste. Minder star met meer ruimte om te ondernemen. Daar horen moderne bedrijventerreinen bij. Agriport A7 is daar volgens mij nu al een mooi voorbeeld van.”



Hans Biesheuvel
Voorman van Ondernemend Nederland ONL

Welke ontwikkelingen zijn er zichtbaar?

Als ik door Nederland reis, zie ik veel van hetzelfde. Iedereen vindt zichzelf een hotspot, maar er is weinig onderscheidend vermogen. Grondpolitiek vormt vaak nog de basis, terwijl het veel meer zou moeten gaan over de economie. Ruimtelijke ordening is heel belangrijk. Hoe ga je om met bestemmingsplannen, wat doe je met de inrichting van de terreinen? Iedere gemeente moet het groeidebat aangaan. Hoe gaan we de komende jaren ons geld verdienen? Bekijk van daaruit hoe we bedrijventerreinen effectiever kunnen benutten om de economie te ondersteunen.”

 

Hoe kunnen we de herstructurering goed aanpakken?

“De economische agenda voor de komende jaren ontbreekt. Wij hebben er overigens wel één gemaakt. Waar gaan we de komende tijd ons geld mee verdienen? Feit is dat de economie zich steeds minder goed laat voorspellen. Daarom vind ik dat we juist nu moeten investeren in ons aanpassingsvermogen. Daarin spelen bedrijventerreinen een belangrijke rol. Kijk hoe je ze kunt inzetten om de wendbaarheid van de economie te vergroten. Stap af van te starre bestemmingsplannen, laat te lange huurcontracten los en ga nauwer samenwerken. Overheden, kennisinstellingen en bedrijven slaan de handen ineen. De themagerichte bedrijventerreinen zijn hiervan mooie voorbeelden.”

Hoe ziet de markt voor bedrijventerreinen er over 10 jaar uit?

“Kleinschaligheid heeft de toekomst, optimaal gespecialiseerd in het ontsluiten van netwerken. Aan de andere kant hebben we behoefte aan logistieke terreinen. We zijn in Nederland goed in transport en logistiek. Daar moet ruimte voor blijven. Het toekomstbeeld is meer variatie en differentiatie en meer focus op het ondersteunen van de economie. Dat licht gaat op steeds meer plekken in Nederland aan. Dat vraagt om politieke moed. Daar zijn bestuurders voor nodig die een lange-termijn-visie kunnen ontwikkelen waar alle partijen bij worden betrokken.”



Michiel Scheffer
Gedeputeerde provincie Gelderland

Welke ontwikkelingen zijn er zichtbaar?

We zien dat bedrijven weer gaan investeren. Dat merk je voornamelijk in uitbreiding van bestaande bedrijven op bestaande plekken. Bijvoorbeeld met Aviko in Steenderen en VDL in Apeldoorn. Daarnaast is er een sterke groei in de logistieke sector. Gelderland is de schakel tussen de Rotterdamse haven en het Ruhrgebied. De vraag naar grote kavels van acht hectare of meer neemt ook toe. Die zijn er onvoldoende, terwijl we een overaanbod hebben van kleinere kavels. Vraag en aanbod sluiten vaak niet op elkaar aan. Die groeiende vraag komt vooral voor rekening van grote op Europa gerichte distributiecentra.”

Hoe kunnen we de herstructurering goed aanpakken?

“We willen maatwerk. Het juiste bedrijf op de juiste plek. Tegelijkertijd zien we de tendens van een volledige waardeketen op één locatie: meer specialisatie. In de tweede plaats heb je te maken met gemeenten die twee rollen vervullen; die van marktmeester met het afgeven van bestemmingsplannen en die van marktspeler als eigenaar van bedrijventerreinen. Dit leidt tot een ratjetoe aan terreinen, waarbij grondpolitiek het helaas vaak wint van de economie. Die zorgwekkende situatie zijn we aan het keren. We hebben in Gelderland al 1.200 hectare oude terreinen vernieuwd en 800 hectare waar geen vraag naar is geschrapt. Er zijn nog gebieden waar we samen hard aan moeten werken, maar we zijn op de goede weg.”

Hoe ziet de markt voor bedrijventerreinen er over 10 jaar uit?

“De stip op de horizon is voor ons helder. Er moet meer plek komen voor een moderne maakindustrie in Oost-Nederland. Het tweede doel is een sterke groei van logistieke bedrijvigheid in het gebied Rijn-Waal- Betuwelijn-A15, met werk op MBO niveau. In de derde plaats streven wij naar duurzaam ruimtegebruik. Bedrijventerreinen die de circulaire economie invullen, zijn daarvan een goed voorbeeld. Bij die laatste categorie tel ik ook het toenemend aantal terreinen met startups rond kennisinstellingen, zoals onder andere de Novio Tech Campus. Daar hebben we er over tien jaar veel meer van. Dat zijn de bedrijventerreinen van de toekomst.”



Peter Noordanus
Burgemeester van Tilburg

Welke ontwikkelingen zijn er zichtbaar?

Hoeveel hectaren kunnen er nog bij, dat was jarenlang het beleid. Gelukkig is dat aan het kantelen richting een gedifferentieerder beeld, met de marktvraag als uitgangspunt. Twee uitersten illustreren dit andere denken. Logistieke terreinen veranderen. Economische ontwikkelingen vragen om schaalvergroting als het gaat om omvang van de distributie. Inzetbaarheid van verschillende modaliteiten speelt daarin een steeds belangrijkere rol. Daarnaast kennen wij de situatie dat zich rond kennisinstellingen startups vestigen. Het verschil zit hem in de omvang en inrichting, maar wel ontstaan vanuit de vraagdifferentiatie. De overheid heeft een belangrijke rol om dat goed in te vullen.”

Hoe kunnen we de herstructurering goed aanpakken?

“We hebben nieuwe terreinen nodig en daarnaast moet je strategieën ontwikkelen voor herontwikkeling. In Tilburg bijvoorbeeld, gebruiken we bestaande bedrijventerreinen om de tweede logistieke hotspot van Nederland verder vorm te geven. Dat combineren we met nieuwe terreinen die goed aansluiten op alle modaliteiten. De vraagdifferentiatie kun je scherp krijgen met behulp van een helder economisch profiel. De overheid moet zich inspannen om de economische vitaliteit van de steden te garanderen. Kijk secuurder naar de mogelijkheden voor economische groei, met een fijnmazige blik.”

Hoe ziet de markt voor bedrijventerreinen er over 10 jaar uit?

“Ik ben een geboren optimist, maar ik zie voor de middellange termijn twee problemen. Gevangen in het hectaredenken maken we te weinig ruimte voor de economie. Te weinig moderne terreinen die passen bij de vraag. Als het gaat om bestaande terreinen hebben we te maken met versnippering van eigendom en de vraag naar dergelijke terreinen zonder herstructurering neemt af. Hoogste tijd voor verandering, de turbo moet erop. Leer van elkaar, kijk waar je naartoe wilt en maak de juiste keuzes. Volgens mij zijn we in Tilburg goed op weg.”