Dorine Burmanje, voorzitter van de Raad van Bestuur en Jaco van Goudswaard, directeur Informatietechnologie van het Kadaster, vertellen meer over het digitaal geo-platform. Het Kadaster is vooral bekend vanwege zijn wettelijke taak om land en eigendom te registreren.

Daarmee biedt het rechtszekerheid aan alle partijen die betrokken zijn bij de verkoop van onroerend goed. Banken, notarissen en overheden zijn daarbij de belangrijkste partners.

Welvaart begint bij eigendomsregistratie. Dan kun je ruilen, investeren en lenen.

‘In overleg met hen hebben we processen zoveel mogelijk geautomatiseerd’, zegt Burmanje. ‘We stemmen systemen en software op elkaar af.’ De andere pijler is geo-informatie en daar gaan ontwikkelingen snel door de toenemende beschikbaarheid van open data.

Het werk van het Kadaster wordt ook steeds internationaler. Met nagenoeg alle Europese landen en ook steeds meer landen buiten Europa zijn afspraken over uniforme standaarden voor het vastleggen van eigendom en het maken van topografische kaarten.

Overigens kent slechts dertig procent van de wereld landregistratie. In samenwerking met de Wereldbank, het ministerie van Buitenlandse Zaken en andere regeringen helpt het Kadaster de overige zeventig procent op weg. ‘Welvaart begint bij eigendomsregistratie’, zegt Burmanje.  ‘Dan kun je ruilen, investeren en lenen.’

Kwetsbaarder

‘Betrouwbaarheid van onze gegevens is van levensbelang’, stelt Van Goudswaard. ‘Al meer dan 185 jaar houden we onze reputatie hoog. Maar digitalisering maakt ons wel kwetsbaarder.

We moeten voortdurend alert zijn op een juiste balans tussen openheid, privacybescherming en databeveiliging. Als het niet veilig kan, leveren we liever niet. Onze gegevens moeten boven elke twijfel verheven zijn. Daar steken we veel tijd, geld en kennis in. Je moet er niet aan denken dat onze gegevens worden misbruikt of veranderd.’

Burmanje: ‘Er zijn zo’n elfduizend aanvalspogingen van hackers per maand. Dat lijkt veel, maar is peanuts in vergelijking met de 2,7 miljard pogingen per maand bij alle Nederlandse bedrijven en organisaties gezamenlijk.’

Van Goudswaard: ‘Tot nu toe is het geen buitenstaander gelukt tot onze systemen door te dringen, maar het stelt ons wel steeds voor de vraag met welke nieuwe ontwikkelingen we mee moeten gaan en met welke niet.

Zo heeft iedereen nu de mond vol van blockchain, artificial intelligence en robotics. Deze nieuwe technologieën kunnen relevant zijn voor ons. We hebben het hele palet continu in beeld en scannen de markt af, maar we doen er pas iets mee als we zeker weten dat het verantwoord is. Dat vereist dat we wendbaar zijn, zodat we op het juiste moment kunnen aanhaken.’

Cloud

Het Kadaster maakt gebruik van de cloud en gebruikt API als interface om gegevens te delen met partners. Van Goudswaard: ‘Dat stelt ons voor allerlei vragen. Hoe makkelijk willen we het maken voor andere partijen om onze databestanden te koppelen aan die van hen?

Wil je dit voor iedereen mogelijk maken of alleen voor professionele partners? Je kunt onze data bijvoorbeeld verbinden met gegevens over weer, verkeer en criminaliteit. Stel,  je ziet een huis te koop staan en wilt weten hoe vaak in deze buurt wordt ingebroken en hoe vaak het er regent, dan kun je dat dankzij gekoppelde data achterhalen.

Betrouwbaarheid van onze gegevens is van levensbelang.

Wij zullen dat nooit doen, maar kunnen niet voorkomen dat anderen met onze gegevens aan de haal gaan en misschien verkeerd interpreteren. Onze data zijn openbaar en daar schuilt een gevaar in.’

Burmanje: ‘Ik beschouw openbaarheid vooral als onze kracht, maar de vraag is hoe ver je moet gaan met het inwinnen van nieuwe data. Zo zijn we betrokken bij de ontwikkeling van zelfrijdende auto’s, die elk obstakel en elk gat in de weg signaleren.

Met sensoren kun je verkeersbewegingen in de gaten houden en weet je precies hoeveel mannen, vrouwen en kinderen op welke momenten van de dag door de winkelstraten lopen. Op basis hiervan kunnen overheden besluiten nemen over nodige voorzieningen voor wonen, winkelen en werken.

Die informatie is niet herleidbaar tot individuele personen. We zouden verder kunnen gaan en bijvoorbeeld kunnen monitoren of een huis bewoond is. Maar dat doen we niet. We hebben geen opsporingstaak. Als we ons als speurneus gaan gedragen, zullen mensen niet zo makkelijk gegevens aan ons afstaan.’

Digitaal platform

Het Kadaster wil het wel makkelijker maken voor burgers om informatie te vinden. Een digitaal platform, te vergelijken met Facebook of Uber, leent zich daar perfect voor. ‘Als je dat goed inricht, zullen meer partijen er gebruik van willen maken’, zegt Van Goudswaard. Het Kadaster doet ook proeven met Linked Data, een nieuwe technologie waarmee informatie uit verschillende bronnen inzichtelijk kan worden gemaakt.

Verder participeert het Kadaster in Publieke Dienstverlening Op de Kaart (PDOK), een platform van diverse overheidsorganisaties. ‘Beschouw het als een soort bibliotheek’, zegt Burmanje.

‘Iedereen houdt zijn eigen bron, maar we hebben een omgeving gemaakt waar het heel makkelijk is in elkaars kast te kijken. De mogelijkheden zijn grenzeloos, maar we moeten elke stap overdenken.

Anders wordt het een onbeheersbare bende. Technisch kan heel veel, maar we mogen onze expertise, veiligheid en autoriteit niet in de waagschaal stellen. Anders gooien we het kind met het badwater weg.’