Dorine Burmanje
Voorzitter van de Raad van Bestuur van Kadaster

“Neem de aardbeving in Haïti, in 2010. Omdat er goede geo-informatie ontbrak bij de heropbouw wist niemand wie de eigenaren waren van de grond, hoeveel mensen er woonden en waar de wegen lagen. Dan duurt het herstel van zo’n land vele malen langer”, legt Burmanje uit. Ze praat liefdevol – maar kordaat - over geo-informatie en is sinds 2004 voorzitter van de Raad van Bestuur. “Het Kadaster zit in mijn bloed”, stelt ze na een half uur praten als een voldongen feit.

Gekletter op de tegels

Geo-informatie is ook van grote waarde voor de maatschappij, verduidelijkt Burmanje. “Neem zoiets als de verstening van de tuinen in de stad Groningen. Veel mensen hebben geen zin meer in het onderhoud en gooien de tuinen dicht met stenen. Maar het aantal extreme regenbuien neemt toe. Dat water klettert niet op de grond, maar op de tegels en dat moet ergens naartoe. Wat heb je nodig om waterafvoer goed te kunnen regelen?  Waar kunnen we een goede afvoer realiseren? De gemeente heeft geo-data nodig om hierover de juiste beslissingen te maken.”

Integrale omgevingswet

Iedereen kent wel een voorbeeld van de talloze wetten, regelingen en vergunningen waar een ondernemer aan moet voldoen, voordat er een fabriek kan worden gebouwd. De politiek wil dit vereenvoudigen tot een overzichtelijk en compact geheel in de nieuwe integrale ‘omgevingswet’. “Ter ondersteuning van die wet loopt een heel groot digitaliseringsproject, waar we met alle partijen sinds twee jaar mee bezig zijn”, aldus Burmanje. “Geo-informatie speelt een grote rol bij deze nieuwe wet, die burgers en bedrijven in staat stelt te bepalen wat waar mag komen. Daarom werken de RIVM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu), Rijkswaterstaat en het Kadaster samen aan het ontwerp van het hiervoor noodzakelijke digitale stelsel. Alle partijen moeten ervoor zorgen dat ze elkaar verstaan en elkaars data kunnen gebruiken. Geo-informatie raakt de wetenschap, de ministeries, maar ook het bedrijfsleven.”

Huis in Spanje

Een Nederlander die een huis in Spanje wil kopen, kan nu voor Nederlands recht kiezen. “Maar in Spanje betekenen ‘percelen’ en
‘kadastrale grenzen’ weer iets heel anders dan in Nederland”, weet Burmanje, die de afgelopen jaren merkte dat de burger dankzij internet al snel gewend is geraakt aan het verkrijgen van geo-informatie. “Zoals dat vroeger ging, met wegen die op de kaart niet aansloten over de grenzen heen: dat kan echt niet meer. In Europa praten we met elkaar over hoe we samen geo-informatie opbouwen. De standaardisatie daarvan is een groot Europees project, ingegeven door de Europese Commissie.”

Van 3D naar 4D

Burmanje is ervan overtuigd dat we nog veel meer van geo-informatie in ons dagelijks leven gaan merken. “Nagenoeg alle vraagstukken in het leven hebben een locatiegebonden aspect. Het wordt dankzij de digitalisering alleen maar meer en sneller, en het wordt steeds gewoner voor de burger. En het behoeft nóg meer samenwerking tussen de verschillende partijen. Een paar maanden geleden introduceerde het Kadaster de eerste digitale 3D kaart. Dat is belangrijk voor hulpdiensten, die niet genoeg hebben aan een platte kaart, maar moeten weten hoe hoog gebouwen zijn. En daarna gaan we naar 4D, het houdt niet op. De mogelijkheden zijn eindeloos.”