De overheid is bezig aan een digitale transformatie. Doel is om de dienstverlening op hetzelfde niveau te brengen als in de private sector, vertelt Aalders. “Wie iets wil kopen, kan dat tegenwoordig doen via allerlei apps of online. De overheid loopt daar iets op achter, doordat de dienstverlening complexer is en we aan meer wetgeving zijn gebonden. Maar er zijn veel digitale mogelijkheden. We willen daarmee voldoen aan de verwachtingen van burgers en bedrijven.”

Andere eisen

Gemeenten werken hiervoor veel samen met IT-leveranciers. Aalders pleit voor nieuwe manieren voor die samenwerking. Hij legt uit: “Nu is de overheid vaak opdrachtgever en de IT-leverancier de opdrachtnemer. Zij ontwerpen systemen in opdracht van ons. Dat heeft lang goed gewerkt.

Nu staan we echter aan de vooravond van een digitale transitie. Dat stelt andere eisen aan overheden, en we moeten anders met onze partners samenwerken. Zij kunnen meer meedenken over verbetering van onze dienstverlening. We kunnen niet zonder elkaar. Een aanbesteding, met strikte eisen van onze kant, is denk ik niet meer de goede manier. We moeten meer toe naar gedeeld partnerschap, met goede afspraken en een duidelijke rolverdeling.”

Vertrouwen

Aalders ziet al dat IT-leveranciers contact zoeken met gemeenten om samen op te trekken. Vertrouwen is cruciaal in de samenwerking: “Beide partijen moeten hun betrouwbaarheid waarmaken. Er zijn in het recente verleden al grote IT-projecten uitgevoerd, die zijn niet allemaal even vlekkeloos verlopen. Dat komt deels door die traditionele manier van samenwerken. Ook is de politiek wispelturig: we willen vaak net iets meer, net iets goedkoper en sneller.”

IT-bedrijven en gemeenten kunnen samen specificaties opstellen voor IT-projecten. Met de wensen van burgers als uitgangspunt. “De burger moet centraal staan”, stelt Aalders. “In goede samenspraak moeten we komen tot specificaties en afspraken. En vertrouwen hebben dat we digitalisering gezamenlijk goed kunnen regelen.”