Kees Jan de Vet
Lid directieraad VNG

Het belang van het grootstedelijk niveau wordt erkend in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte. De VNG steunt het Kabinet bij de vorming van de vervoerregio’s die de samenwerking tussen betrokken gemeenten en provincie(s) moeten verstevigen. De VNG wil dit niet alleen in de Randstad maar ook daarbuiten.

Aanspreekpunt voor burgers

Gemeenten bieden de burgers een veilige en leefbare woon- en werkomgeving.De ruimtelijke inrichting, de economische ontwikkeling en de mobiliteit zijn daarbij onlosmakelijk met elkaar verbonden. Goede bereikbaarheid van de stedelijke gebieden is essentieel voor de economische kracht van Nederland. Dit geldt voor personen- én goederenvervoer. Gedurende de reis via de weg, het spoor en het water moet eenvoudig van vervoerswijze kunnen worden veranderd. Goede strategisch gelegen overstap- en overslaglocaties zijn hierbij onmisbaar. Mobiliteit raakt direct de mensen die wonen en werken binnen hun gemeente en hun eigen regio. (Samenwerkende) gemeenten zijn het eerste aanspreekpunt voor burgers als het gaat om verkeersveiligheid, fietsvoorzieningen, fietsenstallingen, openbaar vervoer etc. Verreweg het grootste deel van de dagelijkse verplaatsingen vindt plaats binnen de stedelijke regio met afstanden tot maximaal 30 kilometer. Regionaal openbaar vervoer hangt onmisbaar samen met de gemeentelijke taken op fysiek en sociaal gebied.

Integrale aanpak

De praktijk leert dat de stedelijke gebieden veelal als ‘koploper’ fungeren als het gaat om het realiseren van nieuwe ontwikkelingen op het gebied van verkeer en vervoer. Wij denken hierbij aan de invoering van de OV-chipkaart, sociale veiligheid in het openbaar vervoer, schone bussen, elektrisch vervoer en mobiliteitsmanagement, inclusief proeven met prijsprikkels. Gemeenten leveren bottom up maatwerk voor een integrale aanpak van ruimte, economie en mobiliteit op het niveau van de stedelijke regio. Gemeenten moeten in staat blijven hun mobiliteitsopgaven samen met de provincie(s) op te pakken op die schaal waar de integrale afstemming tussen economie, ruimtelijk beleid, milieu én mobiliteit het beste kan plaatsvinden, namelijk op de schaal van het (groot)stedelijk gebied.