Media staan er vol van: Smart Cities. Steden waar wordt geïnnoveerd op de knooppunten van connectiviteit, mobiliteit, logistiek, energie en water. Zo worden ze leefbaarder, duurzamer, meer bereikbaar en niet onbelangrijk: concurrerender. Met slimme ict-toepassingen kunnen we ons energie- en waterbeheer bijvoorbeeld efficiënter en dus ook duurzamer maken. En datzelfde geldt voor de verkeersdoorstroom, waar niet alleen inwoners, maar ook forenzen en bedrijven van profiteren.

Digitalisering en verstedelijking

Digitalisering en verstedelijking zijn twee trends die dwingend leiden naar de Smart City. Door de verstedelijking wonen, werken en leven er steeds meer mensen op relatief kleine oppervlakten, waardoor beleid maken steeds complexer wordt en er slimme toepassingen nodig zijn om hedendaagse vraagstukken aan te pakken.

Die slimme toepassingen kunnen worden ontwikkeld dankzij de in de jaren zestig begonnen digitale revolutie. Twintig jaar nadat de eerste burgers het internet begonnen te gebruiken zijn bijna alle sectoren er door geraakt en veranderd. Onderstaand staatje laat zien hoe snel dat is gegaan. Technieken en diensten die we nu als vanzelfsprekend ervaren, zijn niet ouder dan 20 jaar; de meeste zijn zelfs veel jonger.

Nederland heeft op dit moment een goed aansluitnetwerk en daarmee in principe een goede basis voor het gebruik van deze en vele andere toepassingen. Daarvoor zijn immers een goede ict- en data-infrastructuur, connectiviteit en internet van groot belang. Maar: dat we een goed netwerk hebben, betekent niet dat we achterover kunnen leunen.

Gigabit-verbinding

Neem bijvoorbeeld de precisielandbouw op het platteland. Nederland is wereldwijd koploper in deze vorm van landbouw, waarmee planten en dieren heel nauwkeurig de behandeling krijgen die ze nodig hebben. Met per drone rondvliegende hoge resolutiecamera's kan bijvoorbeeld zelfs per aardappelplant de water- en mestbehoefte worden gemeten.

Eén van de dingen die de precisieboeren nog in de weg zit is het gebrek aan een goede breedbandverbinding. Met een gigabit-verbinding kan deze groep ondernemers nog meer innoveren, wat deze razend belangrijke economische sector nog sterker, duurzamer en competitiever kan maken.

Terug naar de stad

Ook steden kunnen profiteren van zo’n verbinding. Met de zich snel ontwikkelende sensortechnologie en op stapel staande innovaties als de zelfrijdende auto is connectiviteit essentieel. Daarnaast raak je in een wereld met cloudopslag, met 5G mobiel internet en veel zwaardere eisen aan reactiesnelheid en symmetrische verbindingen al snel voorbij de toch al zwaar opgerekte capaciteiten van koperdraad.

Glasvezel is dus de toekomst, daar zijn alle experts het over eens. Echter, voordat we een nieuwe toekomstbestendig opendata-communicatienetwerk hebben, zijn we minimaal 10 jaar verder. Daarom is het van groot belang dat we het glasvezelnetwerk snel verder uitrollen, zoals landen om ons heen ook doen. Zo heeft de Italiaanse regering met de EU afgesproken dat er de komende jaren 7 miljard uitgetrokken wordt om Italië volledig te ‘verglazen’. In het investeringsplan van EU-voorzitter Juncker staan vele miljardenprojecten op dit gebied. Voor we het weten is onze relatieve voorsprong een achterstand geworden. Als we ook in Nederland willen blijven innoveren, moeten we er dus voor zorgen dat de randvoorwaarden ten aanzien van de data-infrastructuur op orde zijn. Want net als vrijwel alle collectieve netwerken zou je die voor data ook willen dimensioneren op piekbelasting. Daarmee creëren we ruimte voor het dataverbruik van de toekomst; de explosieve groei van dataverkeer is immers nog lang niet ten einde.

Kennisdeling en nieuwe allianties

Slim omgaan met al die data vormt het antwoord op de complexe vraagstukken waar steden in deze tijd mee kampen. Maar hoe? De meeste initiatieven zijn nu nog relatief kleinschalig en experimenteel. De ambitie is om te komen tot opschaling en crosssectorale innovaties.

Van Nederland een smart urban delta maken is een taak van kennisinstellingen, bedrijven en burgers en lokale overheden. Zij maken slimme stedelijke gebieden. Voor de rijksoverheid is er een taak weggelegd in het wegnemen van belemmeringen en het creëren van de noodzakelijke randvoorwaarden. Om tot een smart urban delta te komen zijn er kortom nieuwe allianties nodig.

Open data

Een mooi voorbeeld van zo’n alliantie is de Digitale Delta, waar het ministerie van Infrastructuur en Milieu ook onderdeel van uitmaakt. De Digitale Delta is een consortium van private partijen, overheden en onderzoeksinstellingen en richt zich op het onbeperkt en laagdrempelig beschikbaar krijgen van water- en klimaatdiensten, waardoor de diverse waterbeheerders hun taken efficiënter kunnen uitoefenen.

En ook op het gebied van slimme mobiliteit, logistiek en intelligente transportsystemen gebeurt er al veel. In de Amsterdamse Utrechtsestraat hebben ondernemers bijvoorbeeld de handen ineen geslagen om hun straat om te vormen tot duurzame winkelstraat, waar de logistieke processen worden geoptimaliseerd. Het is een kwestie van tijd voordat elke stad een verkeersmanagementsysteem heeft dat de drukte in de stad waarneemt en realtime aanpassingen kan doen om het verkeer beter door te laten stromen. Het slagen van deze en vele andere Smart City-initiatieven valt of staat met de beschikbaarheid van data. Als overheid hebben we een actief opendatabeleid en ook steeds meer kennisinstellingen en bedrijven zien het nut van het delen van data.

Een goed netwerk, het delen van data en het delen van kennis over hoe je die vervolgens slim kunt toepassen zijn belangrijke stappen in de richting van een smart urban delta. Want alleen gezamenlijk kunnen we ervoor zorgen dat innovaties tot stand komen, zodat er in Nederland steeds meer slimme stedelijke gebieden ontstaan.